Deze website maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie over de cookies waarvan deze website gebruik maakt klik hier.
Door verder op deze website te surfen geeft u de toestemming aan Minoc Data Services om cookies te gebruiken. verder gaan Created with Sketch.

21 maart 2019

Door Valérie Deridder

Transformation Thursday: Hassan Al Hilou, jongste ondernemer van het land

Hassan Al Hilou werd op zijn zestiende verkozen tot “jongste ondernemer van het land”. Drie jaar later heeft hij een indrukwekkend palmares opgebouwd. Zo richtte hij de diversiteitsconsultancy AGE op, en is hij een van de voortrekkers achter “A Seat at the Table”. Vandaag zit hij in zijn tweede jaar Idea en Innovation Management, en adviseert hij bedrijven over hun diversiteitsstrategie. Maak kennis met Hassan Al Hilou.

YouthTalks was een platform waar “jongeren online kunnen discussiëren”. Merkte je een sterke nood daaraan in je eigen kring? 

Jazeker. YouthTalks was een project dat ik in 2015 had opgestart en dat tot 2016 bestaan heeft. Ik vond dat platform zeker nodig. Ik wilde namelijk graag zelf mijn steentje bijdragen aan al dat fake news. Daarom creëerde ons team ook een algoritme voor de detectie van fake news. Dat algoritme had als dataset gelijkaardige content die we bij wijze van spreken als maatstaf namen. Afwijkende artikels pikte het dus ook moeiteloos op. Daarnaast detecteerde het algoritme ook woorden die polarisatie versterken. Het derde aspect – news confirmation – was eigenlijk het moeilijkste. Onze artikels moesten ook telkens afgestemd worden met erkende nieuwssites en journalen. Youthtalks is in feite gegroeid vanuit het idee dat nieuws steeds van twee kanten moet belicht worden.  

Het nieuws van twee kanten belichten, is dat niet zowat een grondslag van de journalistiek? 

In principe klopt dat, maar ik geloof niet in de objectiviteit van de journalistiek. Wanneer ik bijvoorbeeld een artikel lees over mijn thuisstad, Brussel, merk ik nog steeds dat er een bepaald kader rond heerst. Eén persoon kan op zichzelf nooit de twee kanten belichten, ik geloof meer in twee verschillende stemmen aan het woord laten, en het woord geven aan mensen met een verschillende achtergrond. (Iets wat YouthTalks ook deed, nvdr)  

Ik geloof niet in de objectiviteit van de journalistiek.  

Je hebt YouthTalks een jaar beheerd. Waarom heb je dat project na een jaar afgesloten?  

Ik was vijftien toen ik YouthTalks opstartte. Ik was dus nog piepjong. Door dat platform kreeg ik wel continu de titel van “jongste ondernemer van het land” opgeplakt. Dat was een hele eer, maar het zorgde er ook voor dat ik me minder kon focussen op wat ik belangrijk vind. Zo werd ik steeds vaker uitgenodigd voor debatten en actes de présence. Al die zaken namen enorm veel tijd in beslag, terwijl ik me liever wilde focussen op mijn ondernemerschap.  

Daarnaast voelde ik met dat label van “jongste ondernemer van het land” ook een enorme druk op mij. Ik besef wel dat ik daar indirect om gevraagd had, maar het viel me toch zwaar. Moeders vonden me een rolmodel voor hun kinderen, en jongeren leken naar me op te kijken. Dat was fijn, maar toch voelde ik een enorme druk om hen niet teleur te stellen. Ik was bang om fouten te maken en hen teleur te stellen.  

Maar gaat ondernemen niet om risico’s nemen, en dus soms ook om falen? 

Dat is natuurlijk het ideaalbeeld rond ondernemen. Toch moet ik meegeven dat dat vooral een Amerikaans ideaalbeeld is; dat hoe vaker je faalt, hoe beter je bezig bent. Dat is echter niet de realiteit die ik in België heb gezien. In België heerst er een soort van gedachte dat je niet mag falen, want dat zou betekenen dat je dom of incapabel bent. Mensen vragen ook amper wat je geleerd hebt van je fouten. Ze zijn veelal geïnteresseerd in hoeveel geld erin gekropen is.  

In België heerst de gedachte dat je niet mag falen.  

Hoe onderscheidde YouthTalks zich van bijvoorbeeld Twitter? Daar gaan jongeren ook al redelijk wat met elkaar in debat.  

Wij waren echt een mediaplatform, en wilden voornamelijk die multimediale content pushen. Het enige platform dat mogelijk een concurrent was, was Reddit, ook een community-based platform.  

Youthtalks richtte je op wanneer je zelf nog volop in de studieboeken zat. Hoe combineerde je die verantwoordelijkheden?  

Door vooral goed te plannen. Sinds het vijfde middelbaar houd ik mijn agenda nauwkeurig bij en structureer ik per minuut wat ik ga doen. Dat zorgde ervoor dat ik soms tijdens het vergaderen ook nog een huistaak kon maken. Ik ben dus absoluut geen last-minuteplanner.  

Aan de andere kant ben ik gewoon iemand die heel graag werkt. Ik vind het heel leuk om verschillende projecten tegelijk te hebben lopen. Werk is zodanig mijn passie, dat ik nooit hunker naar het weekend; ik wil er gewoon altijd een fantastische week van maken. Mijn motto is dan ook; “Leef alsof je morgen doodgaat, werk alsof je oneindig leeft”. Leef dus zoveel mogelijk van dag tot dag maar zorg er ook voor dat je genoeg ervaring en reserves opbouwt.  

Hoe kwam je op het idee voor AGE; een acroniem voor Age – Gender – Ethnicity? 

Ik werd omwille van die brandmerking als “jongste ondernemer van het land” nog vaak uitgenodigd op evenementen waar beleidsmakers op het gebied van politiek en economie aanwezig waren. Daar viel het me steevast op dat het publiek op zo’n evenementen redelijk homogeen was. AGE is on feite ontstaan vanuit dat gebrek aan diversiteit dat ik daar opmerkte. Vanaf mijn zeventiende ben ik dan onder mijn eigen naam verdergegaan als consultant.  

Je ondernemingen en projecten (Youthtalks, A Seat at the Table) richten zich meestal op een open dialoog. Is daar volgens jou een gebrek aan draagvlak voor vandaag de dag? 

Er is zeker een draagvlak, maar de positiviteit ontbreekt. De Zevende Dag is bijvoorbeeld een mooi voorbeeld van een programma dat van open dialoog zijn speerpunt heeft gemaakt, maar is vaak erg populistisch, en vervalt al snel in bulderende uitspraken van politici die enkel stemmen willen ronselen. We zien de zaken te zwart-wit, en belichten amper de mens achter de stellingen. Met de debatten van vandaag willen we helaas niet inspireren, maar eerder polariseren. Toch vergeten we dat we op verschillende vlakken goed presteren in België. Dat positieve verhaal komt te weinig aan bod. 

Met de debatten van vandaag willen we niet inspireren, maar polariseren.  

A Seat at the Table wil de kloof dichten tussen jongeren en bedrijven. Het onderwijs lijkt wel de elephant in the room hier. Lopen zij soms niet wat achter?  

Met A Seat At the Table wilde ik samen met mede-oprichter Youssef Kobo een brug slaan tussen jongeren die bij wijze van spreken nog nooit een voet hadden binnengezet in een kantoor, en bedrijven die nog nooit met dergelijke jongeren in contact waren gekomen. We hopen uiteraard dan op een vervolgtraject waarbij jongeren een mooie stage kunnen volgen, of waarbij ze een leerrijke studentenjob te pakken kunnen krijgen.  

Het onderwijs kan zich inderdaad lichtjes aanpassen, al moet ik daar toch een kanttekening bij maken. Zo zullen er altijd vakken zijn waarbij de basis steeds dezelfde blijft, zoals economie of wiskunde. Toch zijn er bij bijvoorbeeld economie ook onderwerpen zoals cryptocurrencies die niet in de klassieke leerstof aan bod komen, maar waarvan je wel op de hoogte moet zijn. Volgens mij hebben zowel leerkracht als leerling een belangrijke taak. Aan de ene kant moet de leerkracht die actuele onderwerpen voldoende aan bod laten komen, zodat de leerstof ook up to date blijft, maar aan de andere kant moeten leerlingen ook actief op zoek gaan naar bepaalde onderwerpen om zo ook een kritische houding aan te scherpen.  

Ik moet eerlijkheidshalve bekennen dat ik in de richting economie-wiskunde niet evenveel heb geleerd als in mijn start-upjaar, maar de basiskennis van economie heb je uiteraard wel nodig.  

Wat vind je van het Molengeek-iniatief? (Project waarbij Brusselse jongeren gratis kunnen leren coderennvdr 

Ik vind dat een prachtig initiatief. We moeten vooral meer van die projecten opstarten, maar dan ook in andere sectoren. MolenGeek is nu specifiek op de IT-sector gericht, maar een dergelijk project kan ook evengoed werken in andere sectoren.  

Welke tips wil je meegeven aan jongeren die ook graag een bedrijf willen oprichten?  

Doe gewoon wat je leuk vindt. Laat je niet beïnvloeden door je naasten, of je studies. Ervaar het ook zelf. Ik ken mensen die de dertig jaar al voorbij zijn en nog steeds boeken lezen over hoe je succesvol moet worden, te weten dat ze die boeken al jaren leren. Dan denk ik dat je best eens uit je bubbel stapt en het zelf gaat ervaren. Niet dat het slecht is om iets van anderen te leren, begrijp me niet verkeerd, maar ervaring is nog steeds de beste leermeester. 

Ook diversiteit is een belangrijk thema in je ondernemersschap. (AGE, ASAT) Is diversiteit een  gat in de markt?  

Dat is het zeker. In feite is dat apart, aangezien 1% procent diversiteit 3% meer winst genereert. Bedrijven hebben er dus alle baat bij om ook eens hun diversiteitsstrategie onder de loep te nemen. 

Diversiteit is dus een groot gat in de markt. Toch is het een realiteit die vandaag al bestaat. Zeventig procent van de kleuters in grootsteden zoals Brussel of Antwerpen hebben een culturele achtergrond. Toch wordt op hetzelfde moment die groep amper aangemoedigd om voor een STEM-carrière te kiezen.  

Diversiteit is een groot gat in de markt.  

Hoe komt dat ze daar niet mee in aanraking komen? Hoe ben je er überhaupt zelf mee in aanraking gekomen?  

Een kind komt ten eerste het vaakst in aanraking met een discipline omwille van de ouders. Ondernemen werd mij in feite ook met de paplepel ingegeven. Mijn vader was namelijk ook ondernemer in Irak. Maar de meeste kinderen komen niet in aanraking met STEM-disciplines omdat ze in hun directe omgeving geen personen kennen die zich daarmee bezighouden.  

Daarnaast zijn de prijzen van codeerkampen voor jonge kinderen vaak ongelooflijk duur. Daardoor wordt de toegang tot die kampen een elitair voorrecht, terwijl we dat net moeten democratiseren. Ten derde vinden bedrijven nog steeds moeilijk de weg naar die doelgroep. 

Hoe komt het dat bedrijven het nog steeds moeilijk hebben om die doelgroep te bereiken?  

Dat is eigenlijk een redelijk brede vraag. Als consultant maak ik die analyse per bedrijf. Daarnaast mogen we ook niet vergeten dat binnen die diversiteit ook versplintering is. Zo heb je in België bijvoorbeeld een sterke Arabische diversiteit. Bij elke groep ligt er steeds een ander obstakel op de weg.  

Zo is het bij de Zwart-Afrikaanse gemeenschap vooral zaaks hoe zij die bedrijven kunnen vinden. Bij de Aziatische gemeenschap moet je dan weer een strategie opstellen om de carrièremobiliteit naar kaderposities te faciliteren.  

Met gender houd ik me zelf niet bezig. Vrouwen kunnen daar beter over oordelen. Ik spreek liever uit ervaring. De inzichten die ik heb, zijn eerder cultureel en leeftijdsgericht. Toch valt dat verdoken seksisme me wel op hoor. Laatst heb ik zelfs een interventie gedaan tijdens de vragenronde van een debat. Iemand uit het publiek had toen gevraagd naar de work-life balance, maar had zich specifiek gericht op de twee vrouwen die ook in het panel zaten. Nadat ze beiden geantwoord hadden, heb ik die jongeman op het publiek vriendelijk gevraagd waarom hij diezelfde vraag ook niet aan een man stelde. Ik heb daar toen geen duidelijk antwoord op gekregen.  

Wat is je sterkste punt als ondernemer? 

Ja, dat is zo moeilijk he… (denkt even na) Hoe kan ik dat nu het best verwoorden?… Ik ben goed in de vertaalslag die plaatsvindt tussen al die verschillende werelden. Zo kan ik bijvoorbeeld in het vakjargon van een CEO spreken en hen vertellen wat er op straat heerst. Ik kan hetzelfde echter ook overbrengen bij een kind.   

Wat is je minst sterke punt? 

Mijn minst sterke punt is mijn faalangst. Ik ben iemand die enorm bang is om te falen. Ik probeer het wel af te leren, maar toch hoop ik dat ik het snel leer. Ik ben ook een echte perfectionist, en dat is ook niet altijd even goed.  

Ik ben nog steeds enorm bang om te falen. 

Welke quote inspireert je het meest? 

Be the kind of leader that you want to follow”. En ik bedoel leider in de breedst mogelijke zin va het woord. Een moeder of een vader is ook een leider, een leerkracht ook. Wees dus de moeder, vader, leerkracht die je zelf zou willen volgen.   

Hassan, hartelijk dank voor het interview!