Deze website maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie over de cookies waarvan deze website gebruik maakt klik hier.
Door verder op deze website te surfen geeft u de toestemming aan Minoc Data Services om cookies te gebruiken. verder gaan Created with Sketch.

29 oktober 2019

Door Jens Jonkers

Hiep hiep hoera! Het internet blaast 50 kaarsjes uit!

29 oktober is sinds 2005 uitgeroepen tot ‘Internet Day’. En vandaag vieren we een heel speciale editie: het is namelijk exact 50 jaar geleden dat wetenschappers er voor het eerst in slaagden om twee computers draadloos met elkaar te verbinden. Het perfecte moment om nog eens een hommage te brengen aan de motor van onze […]

29 oktober is sinds 2005 uitgeroepen tot ‘Internet Day’. En vandaag vieren we een heel speciale editie: het is namelijk exact 50 jaar geleden dat wetenschappers er voor het eerst in slaagden om twee computers draadloos met elkaar te verbinden. Het perfecte moment om nog eens een hommage te brengen aan de motor van onze maatschappij.

Op 29 oktober 1969 vond een gebeurtenis plaats die de samenleving voorgoed zou veranderen. Op een verder doodgewone woensdagavond sloegen Amerikaanse computerwetenschappers er voor de allereerste keer in om te communiceren via computers die niet rechtstreeks met elkaar verbonden waren. Dat moment zal eeuwig in de geschiedenisboeken staan als de dag waarop het internet geboren werd. Sindsdien legde het internet een spectaculaire Odyssee af om uit te groeien tot het onmisbare medium dat we vandaag kennen.

Sputnik

Als we verder willen teruggaan in de tijd, kunnen we stellen dat de basis voor het internet al gelegd werd in 1957. En dan moeten we Rusland ook wat krediet geven. We bevinden ons op dat moment in het midden van de Koude Oorlog. Amerika en de toenmalige Sovjet-Unie vechten de ‘War on Space’ uit. In 1957 nemen de Russen een aanzienlijke voorsprong wanneer zij er in slaan de eerste satelliet – Spoetnik I – een baan rond de aarde te laten maken.

In Amerika reageert men verrast op die lancering. Ze beseffen plots dat ze op technologisch vlak zijn afgetroefd door hun aartsvijand. Het Advanced Research Projects Agency (ARPA) wordt opgericht om nieuwe technologieën te ontwikkelen om de staatsdefensie te verbeteren. Het is in 1962 dat door een Amerikaans wetenschapper J.C.R Licklider het idee ontstaat voor een netwerk waarmee computers van verschillend fabricaat met elkaar kunnen communiceren. De ideeën van Lickliders ‘Galactic Network Concept’ vinden we vandaag de dag nog steeds terug in het functioneren van het internet.

‘LO’

Het duurt wel nog tot 1969 vooraleer de theorie kan omgezet worden naar de praktijk. Op 12 september 1969 slagen de universiteit van Los Angeles en die van Stanford in om hun computers met elkaar te verbinden ondanks de fysieke afstand van 560 kilometer. Het netwerk waarmee de verbinding tot stand komt, werd ‘ARPANET’ genoemd. Op 28 oktober 1969 vindt dan eindelijk het moment van de waarheid plaats.

Het is al laat op de avond wanneer een student-programmeur Charles Kline een bericht probeert te versturen vanuit Los Angeles naar Stanford. Hij besloot om het bij een simpel woord ‘LOGIN’ te houden. Halverwege crasht de verbinding en Kline geraakt niet verder dan ‘LO’. Om maar aan te tonen hoe pril de technologie toen nog was. Maar het woord ‘LO’ zou toch symbool komen te staan voor de geboorte van het internet. Het bericht komt aan bij Stanford en geschiedenis is geschreven. Voor het eerst hebben twee computers communicatie kunnen uitwisselen zonder fysiek met elkaar verbonden te zijn.

Het nieuws gaat de wereld rond en verdere uitbreiding van het internet volgt snel. De ene mijlpaal na de andere wordt in de boeken geschreven. Tegen eind 1971 telt het ARPANET-netwerk al 23 hosts. Het is ook het jaar waarin de eerste email wordt verstuurd en het ‘@’-teken wordt uitgevonden. Na openstelling van het internet voor commerciële gebruikers wordt in 1974 het Transmission Control Protocol/Internet Protocol besloten om communicatie tussen verschillende netwerken mogelijk te maken.

Vanaf de jaren 80 volgt ook Europa. Nederland is hierin één van de voortrekkers. Het aantal hosts groeit snel tot 1000 wereldwijd. Het succes van de email zorgt daarvoor. Dat doet de nood aan een nieuwe wetgeving snel groeien. In 1984 besluit men in Amerika om elke host te verplichten een eigen domeinnaam aan te maken. Ook dat systeem passen we vandaag de dag nog steeds toe.

Door die grenzeloze groei kon het niet uitblijven of de eerste snodaards vonden hun weg naar het internet. In 1986 waren we getuige van het eerste virus, ontwikkeld door een IT-student Robert Morris. Dat was eigenlijk een uit de hand gelopen grap. Maar het virus sloeg er in om 10% van alle hosts wereldwijd te infecteren en de ITC-systemen te beschadigen. Morris werd veroordeeld tot drie jaar celstraf en een boete van $10.000.

De disk waarop de ‘Morrisworm’ geprogrammeerd stond.

World Wide Web

Dat incident remde de expansie van het internet niet af, integendeel zelfs. Bij het ingaan van 1990 is het aantal hosts gegroeid tot maar liefst 100.000. Het is tijd voor de volgende stap. En dan mogen we ook een beetje chauvinistisch zijn, want de volgende baanbrekende uitvinding is van Belgische makelij: het World Wide Web.

Robert Cailliau, een computerwetenschapper uit Tongeren, heeft samen met een Brit Tim Roberts-Lee de basis gelegd voor de ontwikkeling van het World Wide Web, een platform dat quasi iedereen in staat stelt een webpagina te creëren. De roots van het WWW liggen in een hypertextsysteem dat Cailliau en Roberts-Lee ontwikkelden voor CERN. Daarmee kon toegang verleend worden tot documentatie van het instituut. Cailliau zou later ook nog een gelijkaardig systeem uitwerken voor de Europese Commissie om diens documenten openbaar te maken. Daarnaast is hij ook het brein achter de WWW-Conference die nog steeds jaarlijks georganiseerd wordt, en het ‘Web for School’-project dat internet probeerde in te zetten voor educatieve doeleinden.

Robert Cailliau, een Belg om trots op te zijn.

De stichting van het World Wide Web heeft alles nogmaals in een stroomversnelling doen gaan. Het is eigenlijk ongelofelijk welke innovatieve toepassingen in een periode van nog geen 20 jaar mogelijk werden gemaakt. Nog voor het ingaan van de 21e eeuw zien we de oprichting van onder andere webshops, internetradio en online bankieren. Op 15 september 1997 maken we kennis met de website die als geen andere het succes van het World Wide Web illustreert. Op die dag wordt google.com als domeinnaam geregistreerd.

Web 2.0

De oprichting van Google zal het internet ook weer voorgoed veranderen. Het is de start van wat we vandaag omschrijven als het ‘Web 2.0’. Het internet ontwikkelde zich tot een belangrijk communicatiemiddel en een open bron van informatie. De filosofie is dat iedereen van dit medium kan genieten zonder nood te hebben aan technische kennis. Zo groeit het internet met de dag verder uit tot de drijfveer die onze maatschappij doet draaien. Dankzij die open toegang is de digitalisering tot in alle gelederen van de samenleving kunnen doordringen. Dat vandaag de dag meer dan 4 miljard mensen toegang hebben tot het internet, was zonder het World Wide Web nooit mogelijk geweest.

Typerend aan het internet van vandaag de dag, is het grote belang aan sociale media. Websites als Facebook, YouTube en Twitter werden allemaal rond het jaar 2005 opgericht, en staan symbool voor die shift naar het internet als globaal communicatiemiddel. Vandaag zijn we bijna allemaal geconnecteerd met elkaar via deze platformen. Nog meer dan de telefoon en de email hebben deze sociale media komaf gemaakt met fysieke afstand. Nog meer dan eender welke toepassing lokken zij ons op dagelijkse basis naar de online wereld. De introductie van de smartphone heeft dit enkel versterkt.

Het internet heeft geleid tot heel wat nieuwe mogelijkheden, maar ook grote gevaren. Een constante doorheen de geschiedenis van het internet is dat het veel vatbaar is gebleken voor frauduleuze praktijken. Doordat de technologie voor ons zo nieuw is, weten we zelf ook niet altijd hoe we er mee moeten omgaan. Het aantal mensen dat onbewust een virus op hun computer installeerden, is inmiddels al niet meer bij te houden. De openbaarheid van informatie betekent ook dat we moeten leren deze te beschermen. Maar de talloze voorbeelden van grote datalekken en hackersaanvallen tonen dat de veiligheid van onze data niet altijd gegarandeerd is. Criminelen zijn zeer inventief in het bedenken van sluwe trucs om ons om de tuin te leiden onze wachtwoorden of kredietkaartgegevens prijs te geven. Het succes van de sociale media heeft evengoed zijn kanttekening. Mark Zuckerberg worstelt al van sinds de stichting van Facebook met privacy-issues, en slaagt er maar niet in transparant te omlijnen hoe Facebook onze persoonlijke gegevens beschermt. Bovendien zijn sociale media maar al te vaak de ideale platformen gebleken om desinformatie en haatboodschappen te verspreiden.

Maar het moge duidelijk zijn dat het internet in 50 jaar tijd een enorme weg heeft afgelegd. Het is ongetwijfeld één van de uitvindingen met de grootste impact op de hedendaagse samenleving. We zijn er vrij zeker van dat ze in de komende 50 jaren een even spectaculair parcours zal afleggen. En dat zal net als in de eerste minuut niet zonder obstakels zijn. Lang zal hij leven in de gloria!